woensdag 21 augustus 2013

Ik was een hele goede moeder voordat ik kinderen had


‘I Was a Really Good Mom Before I Had Kids’ is de titel van een Amerikaans boek waar ik deze vakantie vaak aan moest denken. Want wat een goeie ideeën had ik voordat ik moeder was. Wist ik veel. Dat het heel anders is als je ze echt hebt. Ik vond het bijvoorbeeld maar vreemd als ouders hun kroost meesleepten naar archeologische hoogstandjes. Kinderen moeten toch lekker spelen en zwemmen in de vakantie, daar ga je toch niet mee slepen? Ik had ook zo mijn bedenkingen over ouders die hun kinderen uit gemak superlaat naar bed lieten gaan en keek vol medelijden naar die slaperige kinderhoofden de volgende dag. Maar ik zag ook ouders die me inspireerden. Zo kwamen we op Lesbos ouders tegen die hun kinderen schromelijk verwenden. ‘Alweer een ijsje?’ dacht ik. Maar toen ze uitlegden dat ze vonden dat het voor de kinderen net zo goed vakantie was als voor hun en dat zij ook zoveel wijn en lekkers namen als ze zelf wilden, vond ik dat wel weer een mooi gegeven. Thuis doen we wel weer normaal zeg maar.

En toen werd ik moeder van Keet. En Keet kon je eigenlijk overal mee naar toe slepen. Die vond het prima om de ene keer in de auto te zitten, op een boot of in een trein. Keet vermaakte zich, zolang ze maar bij ons was. En waarom zouden wij in onze vakanties alleen maar bij een zwembad zitten als je ook leuke dorpjes kunt bezoeken of van plek naar plek kunt reizen? Ik stelde mijn mening bij en met de jaren ging Keet ook steeds later naar bed op vakanties. Wel zo makkelijk als je uit eten wilt of net lekker aan de borrel zit met de campingburen. Het was me duidelijk: als je nog geen kinderen hebt, heb je geen benul, dus wees voorzichtig met oordelen.

Dit jaar startten we onze vakantie in Parijs. Teun van twee riep al weken opgetogen ‘we gaan naar Parijs, Carsen kopen!’ Niet wetende wat Parijs eigenlijk was. En zo makkelijk als het was om met Keet (die inmiddels acht is) naar Parijs te gaan in het midden van de zomer, voor peuter Teun was het minder succesvol. Terwijl Keet al skateboardend lachend langs de Seine reed, hielden we Teun zoet met ijsjes, de belofte op de Eiffeltoren en het vooruitzicht op nieuwe Cars-autootjes. Zo kwamen we de dag prima door. Maar na dag één, was er ook dag twee. En toen begon Teun het toch aanzienlijk minder grappig te vinden en was het voor ons hard werken om het gezellig te houden. En nergens waren Cars-autootjes te vinden.

Dag twee eindigde in de kleine hotelkamer zonder airco (waarvan hij dacht dat het zijn nieuwe huis was) in een groot drama. Hij wierp zich in zijn luier huilend op de koude vloer  en riep: ‘ik ben ingesloten! Ik wil hier weg!’ En: ‘ik weet niet waar ik ben!’ Mijn moederhart brak en ik voelde me de slechtste moeder ooit. Het was dat ik wist dat er twee weken in een ruim vakantiehuis met zwembad volgden, anders was ik vast linea recta terug naar huis gereden om het mannetje de rust, regelmaat en ruimte te bieden waar hij toch wat meer behoefte aan blijkt te hebben. Tja, het ene kind is het andere niet. Ook als je al een kind hebt, weet je eigenlijk nog niets. Volgend jaar slaan we die stedentrip waarschijnlijk even over …


dinsdag 13 augustus 2013

Nachtrustbingo

Die nachten van de afgelopen jaren.... ik vind het nogal een ding. Nee, deze bingo krijg ik niet in één nacht vol, maar in een week kom ik wel een heel eind!

zondag 23 juni 2013

Baby blues



Ik heb nooit een groot gezin geambieerd. Sterker nog, toen zwanger worden van de tweede niet vanzelf leek te lukken hebben we een tijdje gedacht dat we met z’n drieën zouden blijven. En dat was goed. We waren namelijk heel leuk met zijn drieën: Henno, Keet en ik. 

Maar ongeveer vier maanden na dat besluit, werd ik maar niet ongesteld en wat we niet meer durfden te hopen bleek waar: er was een tweede op komst! Na een nogal spannende zwangerschap, vanwege allerlei afwijkingen die Teun leek te hebben, werd hij 18 augustus toch gezond geboren. Met een keizersnee. Een beetje ingewikkelde keizersnee, maar alla hij was er. Vanaf toen maakte hij het ons nog een half jaartje moeilijk doordat er steeds wat mankementen bij hem geconstateerd werden als gaatjes in het hart, een niet goed werkend schildklier en wat dan nog meer. Maar gelukkig viel alles steeds mee, is hij uiteindelijk gewoon een gezonde jongen en heeft hij nooit ergens voor geopereerd hoeven worden. En ik ben nu, bijna drie jaar later, die eerste stressmomenten grotendeels vergeten.

We zijn met z’n vieren en dat is goed. Onze nachtrust is al bijna weer normaal. Teun kan zichzelf steeds beter vermaken. We kunnen zelfs af en toe met z’n vieren naar een restaurant en dan is het ook leuk. 
Ik vind het fantastisch om moeder te zijn, maar ik ben geen oermoeder die urenlang op de grond kan spelen met haar kinderen. Ik hou niet van knutselen en ik word gek als ik op een dag geen moment voor mezelf heb, zoals afgelopen woensdag. Maar die dagen worden schaarser en ik kijk uit naar de dag dat Teun naar school gaat en ik mijn eigen territorium weer iets verder kan uitbreiden en weer wat meer uren kan gaan werken. Dus zoals ik al zei: het is goed zo. En dat komt goed uit, want ik wordt dit jaar 43. En ik blijk al niet zo heel goed te zijn in zwangerschappen zonder complicaties. En allebei onze kinderen waren eigenlijk nog niet echt af toen ze ter wereld kwamen. Dus om die gok nog een derde keer te wagen zou natuurlijk niet in mijn hoofd opkomen.

Het slaat dus nergens op dat ik een vaag gevoel van jaloezie voel als ik Mariëlle ontmoet die zeven gezonde kinderen heeft en dat combineert met een leuk leven naast haar kinderen. Het gaat ook nergens over dat ik opeens overal zwangere vrouwen om me heen zie of moeders met kleine baby’tjes in draagdoeken.

Maar goed. Nu wil ik dus nog een baby. En nee, het gaat niet gebeuren. Het zal de 'baby blues' wel zijn. Afscheid van een periode die nu echt definitief voorbij is. En opa's en oma's, lieve vrienden en familie don't worry: in deze gaat mijn verstand het winnen van de tijdelijke hormonale vlaag van verstandsverbijstering. Want de twee mooiste kinderen van de wereld heb ik toch al.

woensdag 5 juni 2013

Kusjes


Hij kust me als ik hem in mijn armen heb in de drukte van de avondvierdaagse.
Hij zegt zachtjes: ‘ik vind je lekker.’
Hij kust me in de rij voor de kassa in de supermarkt vol op mijn mond
en zegt luid genoeg zodat iedereen het kan horen: ‘ik hou van jou.’
Ik gloei en hoop dat iedereen het heeft gehoord.
Hij gooit zijn armen om mijn hals en drukt zijn wang tegen de mijne.
Hij is een moederskindjes. Hij is twee en hij is van mij. 

donderdag 23 mei 2013

Girlsnight


Mijn dochter Keet is niet echt een meisje-meisje. Sterker nog, ze wordt ongeveer drie keer per dag aangesproken als 'jongeman', 'grote broer', of 'jongen'. Vond ze dat voorheen nog niet zo erg, tegenwoordig vindt ze het wel prettig als ik dat corrigeer met iets als 'nee ze is een meisje hoor.'

Nu ze sinds dit jaar fanatiek aan het skateboarden is, worden de voordelen om een meisje te zijn helemaal duidelijk. Als jongen zou ze 'best een goeie boarder' zijn geweest. Maar zodra die andere skateboarders er nu achter komen dat Keet een meisje is, krijgt ze echt van alle kanten respect en bewonderende blikken. Veel meiden zijn er niet in het skateboardpark en al helemaal geen meisjes die zo makkelijk op hun board staan als zij.

Maar dit weekend zal dat anders zijn. Zaterdag is er namelijk voor het eerst Girlsnight bij skatepark Utrecht. Dus ik geloof het zelf haast niet, maar we gaan zaterdag voor het eerst samen een echt 'meisjesding' doen!

Normaal?


Dat je deze dingen vroeger vanzelfsprekend vond! Terwijl ik voor sommige dingen nu een moord zou doen. Misschien had ik er toen meer van moeten genieten…


woensdag 15 mei 2013

Over plannen en agendasex


Als je al moeite hebt met je eigen agenda bijhouden, dan is het leven als moeder in een gezin een hele uitdaging. Je hebt niet alleen meer je eigen dingen waar je op het goede tijdstip op de juiste dag moet komen, maar hebt ook nog rekening te houden met de activiteiten van je wederhelft (zodat de kinderen niet onverwacht moederziel alleen op de opvang zitten). Én je hebt te maken met de steeds voller wordende agenda van je kinderen.

“Ik ga trouwens vrijdagochtend naar die zweefmevrouw voor mijn hooikoorts,” zeg ik net tegen Henno. Niet om agendatechnische redenen, vrijdag is immers zijn partime-dag, maar puur ter informatie. “Oh is zijn reactie. Ik heb die afspraak met die orthopeed hè vrijdag. Dat hadden we afgesproken.” Ergens kan ik mij wel herinneren dat we het hier over gehad hebben, maar de datum en tijd heb ik toen nergens genoteerd. Gelukkig is zijn afspraak pas om 12.00 uur dus dat zit elkaar niet in de weg en ik kan vrijdag best even tussendoor thuis zijn op mijn werkdag rond dat tijdstip.

Eerder vandaag verscheen de groeps-whats app van de moeder van Wout op mijn beeldscherm: “Zeg, ook gezellig voor de ouders: wie loopt mee met de 4-daagse? Weer eens niet goed op de info gelet en morgen deadline.” Stom. Mailtje over vierdaagse wel voorbij zien komen. Geen actie op ondernomen. Keet blijkt wel eens mee te willen doen. Als een gek zoek ik het inschrijfformulier op in de mail en hoop dat ik niet alsnog te laat ben met inschrijven. Maar dat komt vast goed. Eigenlijk komt het altijd wel goed. Zo stond Keet ook best leuk op de schoolfoto, ondanks dat ik pas achteraf hoorde dat de fotograaf die dag kwam. En meestal hoor ik ook net op tijd dat school een studiedag heeft. Net op tijd. De avond ervoor dus.

Soms doe ik mijn best om ook eens een romantisch weekendje te plannen. Dat is tenslotte goed voor je relatie. En vriendinnen van mij kunnen dat ook heel goed. “We zijn dit weekend samen in Rotterdam,” aldus vriendin A. “We gaan volgende week eindelijk weer even samen weg, naar Rome” (vriendin B). En op Facebook zie ik C zelfs een hele week op Ibiza zitten met haar lief. Zo’n poging doe ik dus ook af en toe. Maar ook dat blijkt niet eenvoudig. Want er zijn voetbalcompetities en skateboardlessen waar je rekening mee moet houden. Afgelopen weekend hebben we weer een poging gedaan. Teun en Keet gingen bij schoonzus en neefjes logeren en wij -na het bezoek aan een bruiloft- overnachten in een leuk hotel in het romantische Nijkerk. Een feestje samen, een hele nacht én als bonus nog uitslapen ook. Goed geregeld. Tot schoonzus een berichtje stuurde dat we de kinderen pas wat later konden afleveren vanwege een begrafenis en ik me realiseerde dat we de volgende ochtend al weer vroeg op moesten. Want ik had máánden geleden kaartjes gereserveerd voor HET Thomas-de-trein-weekend in het Spoorwegmuseum. Het werd een kort, doch zeer romantisch, weekend weg. The story of our life.
Plannen, agenda’s. Het is niet ons ding. Gelukkig komt het meestal wel goed. Maar je snapt dat wij niet het stel zijn dat aan agendasex doet!

zondag 28 april 2013

Relax Mama! Manifest

De Club van Relaxte Moeders blijft maar groeien. Daarom leek het mij goed de achterliggende ideeën in een echt manifest op te nemen. Dames, kunnen jullie je hier in vinden?


donderdag 28 maart 2013

Club van relaxte vaders

Op veler verzoek heb ik nu ook de club van relaxte vaders geopend. Een blog van verschillende vaders. Van vaders die opvoeden, maar niet de waarheid in pacht hebben. Van de grappigste vaders ter wereld, vaders die goed kunnen stoeien, vaders met wie je de stad in wil. Van vaders die met hun kinderen gooien. Die soms heel laat thuis zijn. Van vaders die langs de lijn staan, die ook luiers verschonen, die heel goed kunnen gamen en die eigenlijk net als die andere vaders (en moeders) ook maar wat doen.
Het blog is een aanvulling op Relax Mama! en de 'Club van relaxte moeders.' Want bij een relaxte moeder hoort een relaxte vader, toch?

De eerste bijdrage op het blog is van Luuk. Die vroeger het liefst anoniem door de stad liep. Maar sinds hij kinderen heeft, wordt dat een stuk lastiger...

dinsdag 26 maart 2013

Relax Mama! de soundtrack

Hij is er! De eerste Relax Mama-muzieklijst. Je vind hem op Perfects.nl. Geen lijst met zoetsappige platen over moeders of over de liefde voor je kinderen. Op Perfect Relax Mama! vind je muziek die ervoor zorgt dat je je haar wilt losgooien, je heupen wilt wiegen en je strot open wilt trekken. Platen waar je gewoon vrolijk van wordt. Power vrouwen van vroeger en nu, afgewisseld met goede beats van leuke mannen. De perfecte muziek om op te zetten in de auto als je terug komt van je werk en van werkende vrouw moet transformeren naar vrolijke moeder. Nummers om flink hard thuis aan te zetten en in de huiskamer met kind op je arm op te dansen. Muziek waarbij legostenen en treinrails opruimen een feest wordt.
En ach, om het af te maken eindigt de lijst alsnog met een zoetsappig nummertje van Ben Folds, The Luckiest. Want ook al is het leven soms ‘Not fair’ (Lily Allen), voel je je als moeder ook wel eens ‘Locked out of heaven’ (Bruno Mars’), we zijn ook allemaal wel eens ‘on fire’ (Alicia Keys) en zijn we allemaal gewoon vette mazzelaars met die leuke kinderen van ons. Verder geen diepgaande geheime boodschap in de titels. ‘Shine bright like a diamant’ ladies (Rihanna), vier het leven (oftewel ‘Dejame Vivir) en onthoud: you can still rock mama! 

vrijdag 22 maart 2013

Geuzennaam


 Ik weet niet meer precies wanneer het was en wie ik belde. Maar ik weet wel dat ik met een dikke grijns op mijn gezicht aan de telefoon zat toen ik voor het eerst zei: ‘Hallo, met de moeder van Keet.’ Ik had van te voren nooit gedacht hoe cool het zou zijn om die woorden uit te spreken. En hoe fijn is het als je kind voor het eerst ‘mama’ zegt!? Ik hoop in ieder geval dat Keet en Teun mij altijd mama blijven noemen. De rest van de wereld noemt me al Elsbeth. Maar er zijn maar twee mensen in de hele wereld voor wie ik eigenlijk ‘mama’ heet!

woensdag 20 maart 2013

Veel geleerd

Ik heb best veel geleerd sinds ik moeder ben...




zaterdag 9 maart 2013

Ask again


Ervaar zojuist hier in huis dat de peutertip uit deze tweet ook prima werkt voor achtjarige meisjes. 'Pappa wil je voetballen?' 
'Nee, ik zit even lekker bij je moeder.'
'Pappa wil je voetballen?'
'Nee, nu even niet Keet.'
'Pappa .. Etc..'
Resultaat: pappa staat nu te voetballen.

Rauw

Het is al weer negen jaar geleden dat ik mijn vriendin Ida verloor. In mij groeide nieuw leven en zij beroofde zich van het leven. De laatste paar weken denk ik weer veel aan haar. Bijvoorbeeld als er via Twitter of Facebook oproepen naar vermiste personen verschijnen (please retweet). 

Toen Ida verdween wisten we nog niets van Facebook,  Hyves of Twitter. We hingen stencils met haar foto op, op het station en op hoeken van straten. Stencils die we weer weghaalden toen het niet meer nodig bleek te zijn. Ik denk meer aan haar nu ik weer actiever ben gaan hardlopen en ik geïnterviewd werd over hardlopen. Ik dacht aan haar toen we een paar dagen gingen snowboarden. Allemaal dingen die we vroeger samen deden. 

Negen jaar. Soms lijkt het lang, soms lijkt het kort. Negen jaar dat is bijna de leeftijd van mijn stoere meissie, die ik voor het eerst voelde trappelen toen ik de enveloppen van de rouwkaarten aan het schrijven was. Het zijn negen jaren waarin ik soms ook een tijdje niet aan haar dacht. Jaren die ik wel met haar had willen delen. Waarin ik ook nog een jochie kreeg en nieuwe lieve vrienden die haar nooit hebben gekend en nooit meer kunnen leren kennen. 

Ze zit weer in mijn hoofd de laatste weken en ik probeer met een glimlach terug te denken aan de mooie, grappige avonturen die we samen hebben meegemaakt. Hoe ze me tijdens onze studententijd als huisgenoot uit bed trok om voor dag en dauw te gaan zwemmen, hoe we samen onze eerste meters op het snowboard maakten, hoe we in diepe zeeën doken en hoe ze keek toen ik vertelde dat ik zwanger was van Keet. Maar hoe veel goede herinneringen er ook zijn, nergens lukt het me om met een glimlach terug te kijken. 

Na negen jaar is het nog altijd het verdriet dat overheerst in plaats van het plezier van het samen geleefde leven. Geen rauw en alles overheersend verdriet meer. Maar wel verdriet van gemis en de zwarte rand die altijd om haar dood heen blijft hangen. En verdriet van onuitgesproken gedachtes en misverstanden. 

Ik wil graag met een glimlach terugdenken. Maar misschien zijn daar nog wel negen jaar voor nodig.


Deze column verscheen eerder op www.mentaalvitaal.nl

dinsdag 5 maart 2013

Hoe ik werd wat ik wilde worden

signerende Elsbeth
Een paar jaar geleden was ik mezelf kwijt. Ik wist niet meer wat ik leuk vond en was vergeten waar ik blij van werd. Het duurde even voordat ik dat door had, maar toen ik iets te vaak moe was en ‘niet zo lekker’ besloot mijn man me wakker te schudden en aan de bel te trekken. Ik ging onder een palmboom zitten (we waren op dat moment in Bali) en realiseerde me dat ik stress had. Gedurende die vakantie kwam ik erachter dat ik mezelf gruwelijk vergeten was. Ik was heel hard voor mijn dochter (toen bijna twee) gaan zorgen en voor manlief die dat jaar de ziekte van Pfeiffer had gehad en had mezelf volkomen weggecijferd. Er was weinig Elsbeth over. Er was de moeder-Elsbeth, vrouw-Elsbeth en de werk-Elsbeth, maar de leuke-dingen-voorjezelf-doen-Elsbeth was praktisch verdwenen. 

Er was werk aan de winkel. Ik moest mezelf opnieuw uitvinden. Naast wat hard-core therapie ging ik op zoek naar een hobby. En zo kwam ik bij de cursus ‘Verhalen schrijven’ terecht. Ik wilde tenslotte als kind al schrijver worden, ik schreef af en toe al een column voor een kleine lezerskring en op het werk werden de schrijfklussen ook altijd mijn kant opgeschoven. Maar fictie, daar had ik me nooit aan gewaagd. Met pen en schrijfblok kwam ik in een klaslokaal met allemaal amateur-verhalenschrijvers terecht. En ik werd er helemaal blij van. Iedere dinsdagavond fietste ik door de kou de stad in en fietste ik twee uur later met een dikke lach op mijn gezicht weer terug naar huis. Vol ideeën, vol inspiratie en langzaamaan ook met steeds iets meer ambitie. 

In de zomer van 2009 durfde ik zelfs mee te doen aan een verhalenwedstrijd van de Volkskrant. Ik stuurde mijn verhaal ‘Naar huis’ in en vergat vervolgens mijn mail te checken, waardoor ik bijna niet door had dat ik de wedstrijd won. De redacteur van de wedstrijd wist me uiteindelijk toch te bereiken toen ik op mijn werk was. En ik was door het dolle heen. Ik huppelde door de gangen van het grote kantoorgebouw waar ik destijds werkte en lachte van oor tot oor. Ik had een schrijfwedstrijd van de Volkskrant gewonnen! Hoe cool was dat.
  
In de maanden die volgden gebeurde er iets in mijn hoofd. Het gevoel bekroop mij dat ik die schrijfliefde misschien toch maar eens serieus moest gaan nemen. 
Langzaam groeide het plan om schrijver te worden. Zou ik stoppen met werken en de stap wagen? Ik ging het plan hier en daar hardop uitspreken. Ik ging het plan langzaam geloven. Ik ging wat minder geld uitgeven om wat te sparen voor het geval ik echt zou stoppen met werken. Ik liet me niet ontmoedigen door een ‘echte schrijver’ die na een schoolpleingesprekje spottend op Twitter schreef: “ik ontmoet hier Elsbeth en ze is eigenlijk schrijver’. 
Ik laste nog even een pauze in omdat ik onverwacht zwanger was van Teun. En ik hakte de knoop door toen Teun er eenmaal was. Ik werd schrijver. Ik ben schrijver. Ik werd wie ik altijd al wilde worden. En ik werd die dag trouwens ook veertig.


Dit blog verscheen in december op www.mentaalvitaal.nl

donderdag 7 februari 2013

Rennen

Er hangt een hardloopschema op mijn koelkast. Een schema om over een paar weken klaar te zijn voor een 10-kilometer loop. Zowel het schema als de inschrijving helpen mij om het hardlopen weer op te pakken, om mezelf iedere keer een schop onder mijn kont te geven als ik eigenlijk geen zin heb. En wat is het fijn! Ik weet dat niet iedereen het met me eens is. Maar voor mij geldt: hardlopen 'rules'. Om wel vijftig redenen. Maar hier de negen belangrijkste voor moeders.


maandag 21 januari 2013

It takes a village to live your life

TeunStress komt soms uit onverwachte hoek. Onze auto stopte er vorige week van het ene op het andere moment mee. Ik was met Teun in het ziekenhuis geweest om bloed te prikken en toen ik weg wilde rijden gebeurde er niets. Daar stond ik dan op een regenachtige parkeerplaats met een peuter die net heel hard had gehuild toen het bloed prikken niet lukte en die nog een keer heel hard had gehuild toen bleek dat het beloofde ijsje niet op voorraad was. Autopech komt nooit gelegen. 

De wegenwacht was er gelukkig sneller dan verwacht, maar concludeerde na een paar minuten dat hij niets kon doen. “Er is iets mis met de distributieriem, dit moet de garage doen.” Ik weet niets van auto’s maar bij het woord distributieriem gingen er wel wat bellen rinkelen. Ik was op zijn zachtst gezegd ‘not amused’. Maar goed de auto werd naar de garage gesleept en wij naar huis gebracht. Het probleem was even uit zicht. 

Twee dagen later belde de garage met onheilspellende berichten over kromme kleppen, meer onderzoek nodig, hoge kosten, bla bla bla en wat ze nu verder mochten gaan doen. Ik blokkeerde. Ging op zwart. Ik wil geen kapotte auto, ik wil zeker niet nadenken over kapotte auto’s en ik wil al helemaal geen beslissingen nemen over dingen waar ik geen verstand van heb. Dus belde ik mijn man. Die ook blokkeerde en de aap niet op zijn schouders nam. 

Gelukkig kreeg ik heel even een heldere ingeving: m’n vader! Ik belde het ouderlijk huis. Mijn vader houdt wel van auto’s. Mijn vader is slim en mijn vader houdt van helpen en uitzoeken. Dit was wat ik nodig had. We namen samen wat beslissingen (‘we’ moeten van deze auto af) waardoor ik de situatie weer bijna ging begrijpen. En de volgende dag stond hij op de stoep met een uitdraai en folder van auto’s die zuinig zijn in verbruik en binnen ons bereik lagen. Henno en ik bekeken de folders en waren blij dat iemand anders voor ons alvast wat beslissingen had genomen. 

Een paar dagen later fietsten we zelfs vrolijk door de sneeuw naar de autoboulevard in Overvecht om auto’s te gaan krijgen. Zomaar een ochtendje met z’n tweeën was sowieso een onverwacht cadeautje en eenmaal bij de dealer aangekomen om te zien wat voor ons mogelijk was, kregen we er zowaar lol in. We hielden contact met onze secondant thuis en onder auspiciën van mijn vader was het een paar dagen later allemaal geregeld. Stress weg, kapotte auto weg en een stationwagen rijker.

Vanmorgen fietste ik naar een koffieafspraak in de stad, bij koffiebar The Village en bedacht me hoe fijn het is om hulp te durven vragen. Hoe fijn het is om mensen in je omgeving te hebben die je graag helpen. Dat als je ergens geen verstand van hebt, je het ook niet in je eentje moet gaan uitvogelen. ‘It takes a village to raise a child’ zegt een Afrikaans gezegde. Maar wat ik van deze week vooral leerde was: ‘it takes a village to live your life.’ Wees niet bang om hulp te vragen en aan te nemen. Je leven wordt er een stuk aangenamer van.


Deze blog verscheen eerder op www.mentaalvitaal.nl

maandag 3 december 2012

Een issue met slapen

Daar lig ik dan, met al m’n goede voornemens. Te staren naar het plafond met een wakkere peuter naast me. Het is half vier ’s nachts. Ergens in de verte hoor ik heel zacht een alarm afgaan en ik voel me boos en opgefokt.
Ik had het me nog zo voorgenomen. Ik word niet meer boos als ik te vroeg wakker word. Ik word niet chagrijnig van gebroken nachten. Ik ga niet elke avond naar bed met de wens om nu eens een hele nacht door te slapen. Want dat zit er blijkbaar op dit moment niet in. En daar moet ik misschien maar mee leren leven in plaats van me er tegen te verzetten, zoals de afgelopen maanden.

Toen ik laatst een week op vakantie was zonder kinderen was dat ook waar ik zo naar uitkeek: doorslapen! Het mooie weer, de cultuur en het weerzien met vrienden waren mooi meegenomen, maar het slapen. Daar hunkerde ik naar.

Dus toen ik daar ook al na een paar uur slaap wakker werd, vond ik dat irritant. Ook al kon ik me weer omdraaien. Ik was niet meer gewend om uit te slapen, dus dat was ook in een weekje niet opnieuw aan te leren. De vakantieweek vorderde. En in plaats van dagen te luieren en slapen gingen we op ontdekkingstocht, bezochten we musea, belachelijk grote winkelcentra, de hoogste toren van de wereld, de leukste restaurantjes, verschillende souks en ontbeten we met Emiraten. Hier en daar pakten we een rustmomentje, maar we waren toch vooral aan het doen. En ik kwam vol energie thuis. 

In het vliegtuig terug las ik een stukje tekst in de Happinez van Barbara Tammes (schrijver van het ‘Handboek voor het bouwen van je eigen luchtkasteel’). Ze schreef: “Word verliefd op de tijd. […] In plaats van je er tegen te verzetten, de tijd te vervloeken, loop je samen op. Hand in hand. Bedenk als je ’s ochtends de wekker hoort: ha goedemorgen tijd, daar ben je weer.[…]” En toen wist ik het. Dat slapen, daar moest ik me maar bij neerleggen. Ik word misschien wat labiel van weinig slaap, maar ik functioneer verder prima. Ik krijg m’n werk af, hou het gezin aardig draaiende en doe tussen de bedrijven door ook nog leuke dingen. Dus ik laat me niet meer gek maken. Ik kijk niet meer direct op de wekker als Teun me ’s nachts wakker roept. Ik neem hem gewoon bij me en we slapen weer met een glimlach door. En als ik ’s ochtends vroeger wakker word dan noodzakelijk dan bedenk ik heel vriendelijk ‘wat fijn dat ik nog even kan blijven liggen’. Dat was dus het plan.

Tot nu. Want nu ben ik al bijna een uur wakker. Is het midden in de nacht en roept Teun ook al een half uur dat hij melk wil. Die glimlach is ver te zoeken. Ik wil geen melk maken, ik wil slapen. Ik wil morgen helder zijn, want ik heb veel werk waar ik mijn hoofd bij moet houden de komende dagen.
“Mellukkie”, hoor ik nog eens naast me en ik ben het zat. Ik stamp naar beneden om van het gezeur af te zijn. Ik ben boos op de wereld (niet op Teun), ik ben niet verliefd op de tijd en ben klaarwakker. 
Uiteindelijk val ik toch nog een uurtje in slaap en functioneer ik die dag nog redelijk goed. Maar toch. 
Ik ga mijn goede voornemens weer oppakken. Met een glimlach de nacht door, slapend of wakker. 


Deze blog verscheen eerder op www.mentaalvitaal.nl

donderdag 22 november 2012

Streng


Ik behoor tot de categorie ‘niet zo strenge moeders’. Ik heb geen regels over wanneer er gesnoept mag worden en hoeveel tijd ze voor een beeldscherm mogen doorbrengen. Van mij hoeven de kinderen ook niet ‘eerst iets hartigs en dan pas zoet’ op de boterham en ik heb nogal eens moeite met ‘nee’ zeggen. Daardoor loopt het wel eens uit de hand en kan het zijn dat Teun de hele ochtend Dora-filmpjes kijkt, en ze iets snoepen op een moment dat het eten bijna op tafel staat. Daar voel ik me natuurlijk ook regelmatig schuldig over, want alla ik ben ook maar een mens en een moeder, en je schuldig voelen hoort nou eenmaal bij ons soort. Ik denk dus regelmatig dat ik mijn kinderen veel te veel verwen en dat ik te veel de makkelijke weg kies, maar dat weet ik dan vaak ook wel weer snel recht te praten door te bedenken dat ik gelukkig hele dunne kinderen heb, die ook best van gezond eten houden. En die ook heel goed zelfstandig kunnen spelen. En trouwens ik ben vorige week met Teun op babygym gegaan en Keet heeft nog nooit een gaatje gehad bij de tandarts.
Vorige week was ik met mijn lieve vriendin P. op vakantie die sommige dingen totaal anders doet. Zo heeft zij bijvoorbeeld het vier-uurtje ingesteld; hét tijdstip waarop de kids iets mogen snoepen. Liggen haar kinderen iedere dag keurig op tijd op bed (en slapen ook nog eens de hele nacht in hun eigen bed) en heeft ze een formule om te bepalen hoeveel zakgeld ieder kind krijgt. P. is een supermoeder van drie kinderen en ik hoor graag hoe zij het doet, om daar zo af en toe een goede tip uit te halen en om soms te concluderen dat het bij ons toch echt anders gaat. Wat gelukkig door ons allebei volledig wordt geaccepteerd en gekoesterd.
De zakgeldformule (20 cent x de leeftijd van het kind) heb ik gretig overgenomen. Ik had namelijk net de week ervoor een artikel in de Volkskrant gelezen over een onderzoek dat uitwees dat kinderen die zich leren ‘beheersen’ op jonge leeftijd, die al beter leren met wilskracht succesvoller zijn op school en in het verder leven. Nou met mijn ‘opvoedtechnieken’ lappen we dat beheersen behoorlijk aan onze laars. Ook stond in het artikel iets over kinderen met geld om laten gaan en ze bewust te laten sparen. Ook daar viel bij ons nog wel wat op af te dingen. Want Keet en Teun kregen op willekeurige momenten muntjes toegestopt die toevallig ergens op tafel lagen. Daar gingen we dus wat aan doen. En met de rekenformule van P. krijgt Keet nu iedere zaterdag €1,60.
Maar dan nog dat snoepen. En die beeldscherm-uren. Ga ik ze daar nou echt schade mee berokkenen als ik daar zo vrij in blijf? Worden (of zijn) mijn kinderen slappe verwende nesten doordat ik ze nu zo vrij laat?
En dan valt mijn oog op de grote schaal met St. Maarten-snoep. Verzameld toen ik een paar uur vliegen verderop in de zon lag, onder toeziend oog van papa. Ik weet niet hoe vol de bak was, maar ik weet wel dat de bodem vijf dagen na deze snoep-inzamel-dag nog steeds niet te zien was. Maar wat nog vreemder was aan deze bak snoep, was dat hij niet keurig in de ‘snoepkast’ in de keuken stond, maar pontificaal in de slaapkamer van Keet, naast haar bed. Het bevreemde mij best, maar ik stapte er overheen en ging andere dingen doen. 
En zo zijn we opeens een week verder. De snoepbak staat nog steeds op dezelfde plek. En is nog steeds praktisch vol. Er zijn dus zeven dagen voorbij gevlogen waarin de bak niet of nauwelijks is aangeraakt. Niet door Keet en ook niet stiekem door haar kleine broertje. Ze hebben zo hier en daar wel om iets lekkers gevraagd en om koekjes gezeurd. Maar ik kan me niet herinneren dat ik deze week extra snoep heb gekocht. De bak is nog vol. De kinderen nog steeds lief, gelukkig, blij en beleefd. Ik geloof dat ik me voorlopig niet druk ga maken over de zelfbeheersing van mijn kinderen!

dinsdag 16 oktober 2012

Zwetend het weekend in

Vrijdagmiddag 15.00 uur. Ik ben kapot. Wekenlang om 5.30 uur met een luid ‘mama!’ wakker geroepen worden, begint zijn tol te eisen. Al een tijdje. Ik weet het: ‘gebroken nachten zijn killing’ schrijf ik zelf in m’n boek. Met het advies om echt af en toe een powernap te nemen. En dat probeer ik ook. Maar in de drie dagen dat ik mijn tekstwinkel run is dat niet altijd mogelijk en op de dagen met de kids, zijn de slaapmomenten ook nogal schaars. Was ik vorige week nog bomvol energie, deze week voelt alles zwaarder en vermoeiender. 

Ik heb de hele ochtend hard gewerkt aan teksten. Schreef over de kwaliteit van kinderopvang, werkte aan m’n Facebook-pagina voor relaxte moeders en brak mijn hoofd over de in- en verkoop van biologische varkens. Ik heb me laten afleiden door social media en mailtjes, en ben al met al nog redelijk productief geweest. Maar nu gaat het kaarsje langzaam uit. Ik stuur een conceptversie van de tekst over varkensvlees naar de klant, gooi mijn laptop dicht en fiets naar huis. Vastbesloten om mijn sportspullen te pakken en daarna richting Bikram Yoga te gaan. Of is een dutje toch een beter idee? 
Mijn hoofd bonkt en ik voel me onrustig en sip. Spoken in mijn hoofd grijpen hun kans op momenten als deze. Slapen of yoga. Buurvrouw één mailde vanmorgen enthousiast ‘was lekker de Bikram vanochtend’. En toen ik antwoordde dat ik vanmiddag zou gaan tenzij ik instortte antwoordde ze ‘Wel gaan hoor. Daarna voel je je beter.’

Thuis tref ik man en nichtje (tevens buurvrouw twee), terwijl ik met de yogaspullen klaar sta voor vertrek. ‘Hoe gaat het?’ vraagt nichtje/buurvrouw. Verkeerde vraag op het verkeerde moment en ik houd het niet droog. De moeheid en de spoken komen er uit. ‘Misschien moet je toch lekker gaan slapen in plaats van nu in de auto te stappen,’ adviseert nichtje/buurvrouw. Ik twijfel. Wel gaan, niet gaan. Straks stort ik daar in. ‘Ga nou maar gewoon,’ zegt Henno. 

Vrijdagmiddag 15.55 uur. Ik loop langzaam de warme Bikramzaal in, leg mijn matje neer en neem even de tijd om aan de temperatuur van zo’n 39 graden te wennen. Ik ben nu al blij dat ik ben gegaan. Even wat anders. Geen computerscherm, geen kinderen. Alleen ik en twintig andere zwetende mensen. We beginnen de les zoals altijd met een ademhalingsoefening. ‘Verstrengel je handen onder je kin, adem in door je neus, en breng je ellebogen omhoog. Adem uit met wijd open mond, ellebogen omlaag.’ De dikke man naast mij zweet nu al. ‘Concentreer je op je ademhaling. Yoga is all about breathing. Het gaat er niet om of je een houding wel of niet volhoudt. Het is je ademhaling die goed moet zijn.’ Ik voel me al wat geruster en weet dat ik altijd mag gaan zitten. Na de ademhalingsoefening volgen de balansoefeningen, de stretchoefeningen, grondoefeningen, achterwaartse buigingen. 26 oefeningen in totaal, elke keer dezelfde. 
De eerste zweetdruppels volgen snel. Met mijn neus tegen m’n knieën gedrukt zie ik dat het tijd is dat ik mijn benen weer eens scheer. Ik kom langzaam omhoog om naar de volgende houding te gaan. ‘Houd je staande been sterk, span je spieren en houd je gezicht ontspannen.’ Ik glimlach tegen mezelf terwijl ik wiebelig op één been sta en voel me op een vreemde manier relaxed.

Vrijdagmiddag 17.50 uur. Ik loop door de regen naar m’n auto en check mijn telefoon. ‘Hoe was het lief?’ vraagt Henno in een berichtje. Ik sta stil en typ terug ‘dat was superfijn.’ Als herboren stap ik in de auto. Het weekend kan beginnen. Hier kan geen powernap tegenop.


Dit blog schreef ik voor www.mentaalvitaal.nl.